In een groep leer je rekening te houden met anderen, op z'n minst schept het voorwaarden om te leren rekening met elkaar te houden. Activiteiten met de doelstelling de ontwikkeling te stimuleren, bieden we dan ook groepsgewijs aan. Om optimaal gebruik te maken van het leren van elkaar, hebben we geen groepsindeling naar niveau of mate van gehandicapt zijn; de groepen zijn heterogeen van samenstelling.
ODC NiloKa biedt dagbesteding aan jongeren en volwassenen met een verstandelijke of meervoudige beperking. In het gebouw zijn de volgende groepen gevestigd:
Er wordt gewerkt volgens een vast dag- en weekprogramma. Binnen dit programma wordt afwisseling geboden tussen activiteiten die inspanning vragen en activiteiten die ontspanning bieden. Voorbeelden; boodschappen doen, koken, huishoudelijk werk, bewegingsagogie, computeren, spelbegeleiding, handvaardigheid, tuinieren, zwemmen, etc.
Uitgangspunt is dat alles mogelijk is en pas in de praktijk zal moeten blijken wat bijgesteld moet worden, een benadering en bejegening waarbij de leeftijd en niet het functioneren het uitgangspunt is. De cliënten worden bijvoorbeeld betrokken bij de algemene huishoudelijke bezigheden in de groep. De mate waarin begeleiding geboden wordt, is afhankelijk van de mogelijkheden van de cliënt.
Binnen de verschillende activiteiten wordt aandacht besteed aan;
Er zijn twee middengroepen op de Niloka.
De middengroepen zijn een schakel tussen de kinder en de oudere groepen. Het gericht bezig zijn met ontwikkelingsmateriaal op kinderniveau wordt hier langzaam omgebogen naar een benadering die gericht is op oudere kinderen. De cliënten zijn bezig met en leren door middel van praktische vaardigheden.
De cliënten worden betrokken bij dagelijks terugkerende kleine huishoudelijke opdrachten, gaan mee boodschappen doen, helpen bij het klaarmaken van de maaltijden etc.
Het resultaat is dat hun belangstelling toeneemt, met het gevolg dat ze meer openstaan voor nieuwe vaardigheden en ontwikkelingen.
M. loopt vlot mee naar het winkelcentrum. In de winkel helpt ze met het verzamelen van de verschillende boodschappen. M. herkent de meeste producten. We geven haar opdrachten als; pak twee pakken melk. pak drie flessen ranja. Vaak staan we dan al voor het product.
Ook wordt M. soms zelf op pad gestuurd om iets in de winkel te gaan zoeken. Bij de kassa helpt M. goed mee de verschillende producten op de lopende band en in het boodschappenkarretje te leggen.
M. vindt het leuk om met het boodschappenkarretje te lopen. Wanneer ze hiervoor aan de beurt is blijft ze, hoe zwaar het karretje ook is, dit de hele weg volhouden.
De oudere en oudste groep zijn een vervolg op de middengroep. In deze groepen worden soortgelijke activiteiten als in de middengroep gedaan. Het verschil is dat er een nog groter beroep op de zelfstandigheid en praktische vaardigheden van de cliënten wordt gedaan. Dit is geheel in lijn met de uitgangspunten van de leeftijdgerichte benadering.
Doelen:
K. kiest er soms voor om het konijnenhok te verschonen en doet dit samen met een groepsgenoot. Eén van hen brengt het konijn naar de buitenren en samen tillen ze het hok naar buiten. Onder verbale bijsturing worden de nodige materialen uit de kast gepakt. Vervolgens schept K. met een blik het stro uit het hok en doet dit in een vuilniszak. Dit is een vrij moeilijke handeling voor haar ze moet ervoor zorgen dat het stro op het blik blijft en ze moet het in de zak doen.
Coördinatie en concentratie zijn hierbij belangrijk. Samen met de groepsgenoot doet ze korrels, stro en hooi in het hok.Ze ruimen alles op en dragen het hok weer naar binnen.
Gaan we naar de dierenweide dan vindt K. de dieren wel leuk en wil deze voeren. Het wandelen gaat goed maar verkeersveilig is ze niet. Tijdens het oversteken laten wij haar naar links en rechts kijken, echt gericht kijken doet ze niet, ondanks onze aanwijzingen. Oefening en herhaling blijven dan belangrijk.